Dat wat zich al een tijdje aankondigde is dan toch gebeurd. Het smaldeel van de socialistische Partido dos Trabalhadores/PT heeft de Commissie voor de Rechten van de Mens en Minderheden van het federale Huis van Afgevaardigden, het belangrijkste mensenrechtenorgaan binnen de Braziliaanse politiek, verlaten. De zeven PT-leden stappen op uit protest tegen het huidige voorzitterschap van de commissie van Marco Feliciano (PSC). Deze federaal afgevaardigde uit São Paulo is tevens pastor van een evangelische gemeenschap, heeft zich in het recente verleden ronduit homofoob, racistisch en vrouwonvriendelijk uitgelaten en neemt daar in het openbaar geen woord van terug. Sterker nog, ondanks alle commotie en enorme politieke druk om uit zichzelf van de post af te zien blijft hij zitten. Hij weet zich gesterkt door de nog steeds groeiende evangelische factie binnen het Braziliaanse Nationale Congres, die zich juist door zijn benoeming als voorzitter van deze belangrijke commissie (in de woorden van Feliciano zelf jarenlang "een werktuig van de duivel") in hun stellingnames gesterkt ziet. De tegenstanders zagen zich vorige maand genoodzaakt zelf een mensenrechten-factie binnen het Congres op te zetten, teneinde het evangelische blok georganiseerd van repliek te dienen.
Het is in dit gepolariseerde debat over de kwestie dat de PT heeft besloten de commissie te verlaten zolang Feliciano voorzitter is. Een aderlating, want het zijn niet de minste parlementariërs die het besluit genomen hebben, zoals o.a. Nilmário Miranda, alom gerespecteerd mensenrechtenactivist uit Minas Gerais en voormalig minister voor de rechten van de mens onder president Lula, en de strijdlustige afgevaardigde van het Distrito Federal, Erika Kokay. Doordat zij hebben aangegeven niet door PT-politici vervangen te willen worden zullen de zeven stoelen onbezet blijven. "We hebben dit besluit om de partij terug te trekken genomen teneinde de beslissingen die door de commissie genomen zullen worden geen legitimatie te hoeven geven, die gebaseerd zijn op fundamentalistische, homofobe, vooringenomen aannames; wegens uitspraken vol haat tegenover minderheden en de aanslag op de menselijke waardigheid." ("Tiramos este encaminhamento partidário para não legitimar
as decisões que estão sendo tomadas na comissão, que virou palco de
teses fundamentalistas, homofóbicas, preconceituosas, de expressão de
ódio às minorias sociais e de ataque à dignidade humana".)
Daarnaast protesteren zij tegen het feit dat voorzitter Feliciano besloten heeft de beraadslagingen van de commissie achter gesloten deuren te zullen laten plaatsvinden. Een enorme breuk met de traditie binnen de commissie om juist in alle openheid en met inspraak van de aanwezige luisteraars zich over mensenrechtenkwesties te beraden.
Het is een geruststellende gedachte dat ook met betrekking tot het te voeren mensenrechtenbeleid het Huis van Afgevaardigden nog altijd zelf het laatste woord heeft en naar het zich voor alsnog laat uitzien omstreden wetsvoorstellen op mensenrechtengebied weinig kans van slagen zullen hebben. Maar deze kwestie gaat allang niet meer over feiten. Het is een politieke strijd vol symbolische acties verworden en daardoor een slechte beurt voor het imago van de ooit zo gerespecteerde mensenrechtencommissie.
donderdag 25 april 2013
woensdag 24 april 2013
PT en haar 'bolivariaanse' methoden
Die goede oude Montesquieu, geestelijk vader van de Trias Politica, de absolute scheiding van de wetgevende, uitvoerende en gerechtelijke macht binnen een Staat, zou zich in zijn graf omdraaien. De federale afgevaardigde van de Partido dos Trabalhadores/PT Nazareno Fonteles (Piauí) heeft een grondwetswijziging ingediend die er in het kort op neer komt om uitspraken van het Federale Hooggerechtshof met betrekking tot grondwetswijzigingen (PEC's, Propostas de Emenda à Constituição) nadien door het Congres te laten goedkeuren. Mocht daarbij een patstelling ontstaan dan is volgens hem het laatste woord aan het Braziliaanse volk, dat via een volksraadpleging haar oordeel mag uitspreken.
In de ogen van Fonteles is het STF (Supremo Tribunal Federal) te negatief in haar oordelen en houdt deze zijns inziens te progressieve wetgeving tegen. Hij wijst in dit geval op recente uitspraken van het Hof over stamceltechnologie en raciale quoteringssystemen in het onderwijs. Dit betekent dat het STF wetten wel aan de grondwet mag toetsen (al wil hij dat de stemverhoudingen binnen het Hof veranderd moeten worden om uitspraken te bemoeilijken), maar dat het laatste woord aan het Congres is.
Het mag dan ook niet verbazen dat twee rechters van het STF (Marco Aurélio en Gilmar Mendes) met de liberale leerstelling van Montesquieu onder de arm het wetsvoorstel naar de prullenbak hebben verwezen. Mendes wees fijntjes op de grondwet van 1937, waarin in eerste instantie het Congres en later ook de president beslissingen van het hooggerechtshof konden blokkeren. Deze grondwet, uitgevaardigd door de toenmalige dictator Getúlio Vargas als eerste grondwet van de Estado Nôvo, werd in de volksmond "a polaca" genoemd, een verwijzing naar de autoritaire Poolse grondwet van die dagen. Daarnaast had het een negatieve connotatie. In de jaren '30 vond er een grote toestroom van Pools immigranten plaats, die vanwege de slechte economische omstandigheden van de crisisjaren in de prostitutie en de misdaad belandden.
Het is interessant om te bekijken wat Nazareno Fonteles en daarmee de PT ertoe bewogen heeft om de PEC 33/2011 in te dienen. Fonteles, een medicus wiens politieke carrière niet echt wordt gekenmerkt door hoge pieken, die meer via gelukkige omstandigheden in het Huis van Afgevaardigden is terechtgekomen en daarom tot het voetvolk van de partij moet worden gerekend, lijkt voor de PT de kolen uit het vuur te moeten halen. In mijn ogen is het grondwetsvoorstel eerder een poging van de socialisten om in lijn te komen met de de andere linkse broeders in Latijns-Amerika. De macht aan het volk, ten koste van de liberale rechtsstaat. Conform de ideeën van wijlen Hugo Chávez in Venezuela en in de trant van de politieke beslissingen van de huidige presidenten van Ecuador, Bolivia en vooruit Nicaragua.
Het is nu aan het Huis van Afgevaardigden, de senaat, opnieuw het Huis en uiteindelijk de presidente om met het grondwetsvoorstel aan de slag te gaan. Een zeer interessant debat omdat het uiteindelijk zal uitwijzen wat de socialistische PT met het land voor heeft.
In de ogen van Fonteles is het STF (Supremo Tribunal Federal) te negatief in haar oordelen en houdt deze zijns inziens te progressieve wetgeving tegen. Hij wijst in dit geval op recente uitspraken van het Hof over stamceltechnologie en raciale quoteringssystemen in het onderwijs. Dit betekent dat het STF wetten wel aan de grondwet mag toetsen (al wil hij dat de stemverhoudingen binnen het Hof veranderd moeten worden om uitspraken te bemoeilijken), maar dat het laatste woord aan het Congres is.
Het mag dan ook niet verbazen dat twee rechters van het STF (Marco Aurélio en Gilmar Mendes) met de liberale leerstelling van Montesquieu onder de arm het wetsvoorstel naar de prullenbak hebben verwezen. Mendes wees fijntjes op de grondwet van 1937, waarin in eerste instantie het Congres en later ook de president beslissingen van het hooggerechtshof konden blokkeren. Deze grondwet, uitgevaardigd door de toenmalige dictator Getúlio Vargas als eerste grondwet van de Estado Nôvo, werd in de volksmond "a polaca" genoemd, een verwijzing naar de autoritaire Poolse grondwet van die dagen. Daarnaast had het een negatieve connotatie. In de jaren '30 vond er een grote toestroom van Pools immigranten plaats, die vanwege de slechte economische omstandigheden van de crisisjaren in de prostitutie en de misdaad belandden.
Het is interessant om te bekijken wat Nazareno Fonteles en daarmee de PT ertoe bewogen heeft om de PEC 33/2011 in te dienen. Fonteles, een medicus wiens politieke carrière niet echt wordt gekenmerkt door hoge pieken, die meer via gelukkige omstandigheden in het Huis van Afgevaardigden is terechtgekomen en daarom tot het voetvolk van de partij moet worden gerekend, lijkt voor de PT de kolen uit het vuur te moeten halen. In mijn ogen is het grondwetsvoorstel eerder een poging van de socialisten om in lijn te komen met de de andere linkse broeders in Latijns-Amerika. De macht aan het volk, ten koste van de liberale rechtsstaat. Conform de ideeën van wijlen Hugo Chávez in Venezuela en in de trant van de politieke beslissingen van de huidige presidenten van Ecuador, Bolivia en vooruit Nicaragua.
Het is nu aan het Huis van Afgevaardigden, de senaat, opnieuw het Huis en uiteindelijk de presidente om met het grondwetsvoorstel aan de slag te gaan. Een zeer interessant debat omdat het uiteindelijk zal uitwijzen wat de socialistische PT met het land voor heeft.
Het spel en de knikkers
Het heeft er alle schijn van dat de regerende Partido dos Trabalhadores/PT en de Partido do Movimento Democrático Brasileiro/PMDB tussentijds de electorale spelregels willen gaan aanpassen om volgend jaar een herhaling van de loop van de presidentsverkiezingen van 2010 te kunnen voorkomen. Tijdens die race naar het Palácio Planalto, het presidentieel paleis in Brasília, kwam de voormalige PT-prominent en minister van Milieu Marina Silva als kandidaat voor de groene Partido Verde verrassend sterk in de eerste ronde als derde uit de bus. Met maar liefst 19,33% van het electoraat (in totaal 19.636.359 stemmen) achter zich wist ze zich dat jaar te positioneren als een redelijk alternatief binnen de historische tweestrijd tussen de PT en haar eeuwige rivaal, de PSDB.
Marina Silva (foto) is inmiddels voor zichzelf begonnen. Ze verliet de groenen en kwam in februari van dit jaar met een eigen politieke partij voor het voetlicht, de Rede Sustentabilidade. Een partij die zich ideologisch niet vast wil leggen, maar waar duurzaamheid en de rechten van de mens het bindend element moeten gaan vormen. Gezien haar uitslag in 2010 is daar met name in de grote steden in Brazilië een groeiend electoraat voor te vinden en heeft het er al toe geleid dat een aantal, met name linkse politici van andere partijen naar haar beweging zijn overgestoken. En daar zit nu net ook de achilleshiel waar de andere grote partijen hun kans schoon hebben gezien om Marina Silva de pas af te snijden en zo een geduchte tegenstander in een vroegtijdig stadium in de kiem te smoren.
Vorige week wist de voorzitter van het federale Huis van Afgevaardigden Henrique Eduardo Alves (PMDB) een wetsvoorstel met urgentie door het parlement te loodsen, d.w.z. het voorstel diende niet eerst in allerlei Kamercommissies te worden besproken zoals de federale grondwet voorschrijft. Dit wetsvoorstel is afkomstig uit de gelederen van de PMDB en voorziet erin dat parlementariërs die tijdens hun mandaat overstappen naar een andere partij het recht verliezen om de daaraan gekoppelde radio/televisiezendtijd en de bijdrage uit het Fundo Partidário (subsidie voor politieke partijen) naar de nieuwe partij mee te nemen. De peemedebista's kunnen daarbij rekenen op de openlijke steun van coalitiegenoot de PT. De socialisten hebben er alle baat bij dat de komende presidentsverkiezingen als vanouds tussen de eigen partij en de kandidaat van de PSDB zal gaan. Door deze historisch gegroeide polarisatie van de electorale tweestrijd hebben zij de afgelopen vijf presidentsverkiezingen haar huidige machtspositie weten te bereiken.
Het wetsvoorstel werd vorige week in het Huis van Afgevaardigden besproken. Het leidde tot een fel debat tussen voor- en tegenstanders en heeft in totaal elf uur geduurd. De rechtse DEM, vorig jaar zelf door de PSD (de nieuwe partij van de oud-burgemeester van São Paulo Gilberto Kassab) op deze manier van leden en inkomsten uitgemolken, wist via een amendement het voorstel zelfs nog enigszins te verscherpen, waardoor nieuw op te richten politieke partijen nog minder reclametijd op radio en televisie kunnen krijgen. Na stemming werd het wetsvoorstel aangenomen en zal het voor verdere behandeling naar de senaat gaan. Uiteindelijk zal presidente Dilma Rousseff (PT) er haar handtekening onder moeten zetten.
De tegenstanders laten het er niet bij zitten en zullen het omstreden wetsvoorstel aan het federale Hooggerechtshof voorleggen om het aan de grondwet te kunnen toetsen. Zij beweren dat de materie een grondwetswijziging vereist en daarnaast zou Kamervoorzitter Henrique Eduardo Alves (foto) onrechtmatig hebben gehandeld door het wetsvoorstel met urgentie te laten behandelen.
Marina Silva's hoop en die van andere politici die overwegen een eigen partij te gaan beginnen (zoals de nu aan de PDT gelieerde vakbondsman Paulinho da Força) is nu dus op de senaat, het federale hooggerechtshof en de presidente Dilma gericht. In een eerste reactie deed zij een àppel op het morele democratisch gehalte van de regeringspartijen én van presidente Dilma.
Lindomar Cruz/ABr
Marina Silva (foto) is inmiddels voor zichzelf begonnen. Ze verliet de groenen en kwam in februari van dit jaar met een eigen politieke partij voor het voetlicht, de Rede Sustentabilidade. Een partij die zich ideologisch niet vast wil leggen, maar waar duurzaamheid en de rechten van de mens het bindend element moeten gaan vormen. Gezien haar uitslag in 2010 is daar met name in de grote steden in Brazilië een groeiend electoraat voor te vinden en heeft het er al toe geleid dat een aantal, met name linkse politici van andere partijen naar haar beweging zijn overgestoken. En daar zit nu net ook de achilleshiel waar de andere grote partijen hun kans schoon hebben gezien om Marina Silva de pas af te snijden en zo een geduchte tegenstander in een vroegtijdig stadium in de kiem te smoren.
Vorige week wist de voorzitter van het federale Huis van Afgevaardigden Henrique Eduardo Alves (PMDB) een wetsvoorstel met urgentie door het parlement te loodsen, d.w.z. het voorstel diende niet eerst in allerlei Kamercommissies te worden besproken zoals de federale grondwet voorschrijft. Dit wetsvoorstel is afkomstig uit de gelederen van de PMDB en voorziet erin dat parlementariërs die tijdens hun mandaat overstappen naar een andere partij het recht verliezen om de daaraan gekoppelde radio/televisiezendtijd en de bijdrage uit het Fundo Partidário (subsidie voor politieke partijen) naar de nieuwe partij mee te nemen. De peemedebista's kunnen daarbij rekenen op de openlijke steun van coalitiegenoot de PT. De socialisten hebben er alle baat bij dat de komende presidentsverkiezingen als vanouds tussen de eigen partij en de kandidaat van de PSDB zal gaan. Door deze historisch gegroeide polarisatie van de electorale tweestrijd hebben zij de afgelopen vijf presidentsverkiezingen haar huidige machtspositie weten te bereiken.
Het wetsvoorstel werd vorige week in het Huis van Afgevaardigden besproken. Het leidde tot een fel debat tussen voor- en tegenstanders en heeft in totaal elf uur geduurd. De rechtse DEM, vorig jaar zelf door de PSD (de nieuwe partij van de oud-burgemeester van São Paulo Gilberto Kassab) op deze manier van leden en inkomsten uitgemolken, wist via een amendement het voorstel zelfs nog enigszins te verscherpen, waardoor nieuw op te richten politieke partijen nog minder reclametijd op radio en televisie kunnen krijgen. Na stemming werd het wetsvoorstel aangenomen en zal het voor verdere behandeling naar de senaat gaan. Uiteindelijk zal presidente Dilma Rousseff (PT) er haar handtekening onder moeten zetten.
De tegenstanders laten het er niet bij zitten en zullen het omstreden wetsvoorstel aan het federale Hooggerechtshof voorleggen om het aan de grondwet te kunnen toetsen. Zij beweren dat de materie een grondwetswijziging vereist en daarnaast zou Kamervoorzitter Henrique Eduardo Alves (foto) onrechtmatig hebben gehandeld door het wetsvoorstel met urgentie te laten behandelen.
alosertao.com.br
Marina Silva's hoop en die van andere politici die overwegen een eigen partij te gaan beginnen (zoals de nu aan de PDT gelieerde vakbondsman Paulinho da Força) is nu dus op de senaat, het federale hooggerechtshof en de presidente Dilma gericht. In een eerste reactie deed zij een àppel op het morele democratisch gehalte van de regeringspartijen én van presidente Dilma.
dinsdag 23 april 2013
De prijs van suikerriet
Een stimulans voor de economie, maar een bedenkelijke beslissing voor de ecologie en de rechten van de mens. Er is de Braziliaanse regering veel aan gelegen de expansie van de suikerrietteelt te verhogen. Het is arbeidsintensief en levert dus werkgelegenheid op, terwijl het daarnaast de economische ontwikkeling van het land ten goede komt. Daarom kondigde de minister van Financiën Guido Mantega vandaag aan om de wettelijk voorgeschreven hoeveelheid bioethanol in de benzine vanaf 1 mei dit jaar te verhogen van 20 naar 25% en daarnaast de omzetbelasting (PIS/Confins) voor de producenten te schrappen. Dit gaat de schatkist in 2013 R$ 970 miljoen (388 miljoen euro) kosten. Een opsteker voor de suikerriet- en de chemische industrie, maar een aderlating voor de Braziliaanse belastingbetaler.
De Braziliaan zelf zal er in de visie van de regering slechts indirect profijt van hebben. Dit werd bevestigd door presidente Dilma Rousseff. Er is niet voorzien in een belastingverlaging voor de burger. Deze zal aan de pomp nog steeds hetzelfde bedrag gaan betalen. Slechts op termijn zou wordt de burger er beter op. Door de toename van de productie van bioethanol zal volgens de economische wetten de prijs voor benzine uiteindelijk gaan dalen. Meer aanbod van dergelijk gemengde brandstof leidt tot lagere prijzen aan de pomp. Het ministerie van Mijnbouw en Energie gaat ervan uit dat de oogst van ethanol uit suikerriet dit jaar zal gaan stijgen van 23 naar 28 miljoen liter.
Teneinde de verhoogde productie te gaan realiseren zal de machtige staatsinvesteringsbank BNDES/Banco Nacional de Desenvolvimento Econômico e Social via het programma Pro-Renova R$ 4 miljard tegen gunstige voorwaarden in de suikerrietsector gaan investeren. (De chemische sector zal daarnaast eveneens gaan profiteren. Ook voor deze industriesector zal de overheid de omzetbelasting gaan reduceren. De PIS/Confins wordt tot 2015 verlaagd van 5,6% naar 1%, om daarna tot 2018 gradueel te zullen stijgen tot het huidige belastingniveau.)
Maar de expansie van de suikerrietteelt zal ten koste gaan van de schaarse grond die ertoe ter beschikking staat. Kwetsbare gebieden in het Amazonegebied en in het noordoosten van Brazilië zullen het grootste slachtoffer zijn. Ontbossing en de bedreiging van het leefgebied van de inheemse bevolking zouden er het directe gevolg van kunnen zijn. Het tekent deze regering. Tomeloze economische ontwikkeling ten koste van de basisrechten van de Braziliaanse bevolking. Dilma c.s. staat voor 'desenvolvimento' (ontwikkeling), zoals de militaire regering in haar hoogtijdagen.
De Braziliaan zelf zal er in de visie van de regering slechts indirect profijt van hebben. Dit werd bevestigd door presidente Dilma Rousseff. Er is niet voorzien in een belastingverlaging voor de burger. Deze zal aan de pomp nog steeds hetzelfde bedrag gaan betalen. Slechts op termijn zou wordt de burger er beter op. Door de toename van de productie van bioethanol zal volgens de economische wetten de prijs voor benzine uiteindelijk gaan dalen. Meer aanbod van dergelijk gemengde brandstof leidt tot lagere prijzen aan de pomp. Het ministerie van Mijnbouw en Energie gaat ervan uit dat de oogst van ethanol uit suikerriet dit jaar zal gaan stijgen van 23 naar 28 miljoen liter.
Teneinde de verhoogde productie te gaan realiseren zal de machtige staatsinvesteringsbank BNDES/Banco Nacional de Desenvolvimento Econômico e Social via het programma Pro-Renova R$ 4 miljard tegen gunstige voorwaarden in de suikerrietsector gaan investeren. (De chemische sector zal daarnaast eveneens gaan profiteren. Ook voor deze industriesector zal de overheid de omzetbelasting gaan reduceren. De PIS/Confins wordt tot 2015 verlaagd van 5,6% naar 1%, om daarna tot 2018 gradueel te zullen stijgen tot het huidige belastingniveau.)
Maar de expansie van de suikerrietteelt zal ten koste gaan van de schaarse grond die ertoe ter beschikking staat. Kwetsbare gebieden in het Amazonegebied en in het noordoosten van Brazilië zullen het grootste slachtoffer zijn. Ontbossing en de bedreiging van het leefgebied van de inheemse bevolking zouden er het directe gevolg van kunnen zijn. Het tekent deze regering. Tomeloze economische ontwikkeling ten koste van de basisrechten van de Braziliaanse bevolking. Dilma c.s. staat voor 'desenvolvimento' (ontwikkeling), zoals de militaire regering in haar hoogtijdagen.
Even voorstellen: Felipe Cordeiro
Brazilië loopt over van de muzikale genieën. Een dooddoener, ik weet het, maar daarom niet minder waar. Ik, die dag en nacht met mijn hoofd in de Braziliaanse wolken loopt en het internet afstruint om maar niets in dat fantastische land te hoeven missen, kom er zo nu en dan weer eentje tegen. Ditmaal kwam ik via een interview in het weekblad Carta Capital de excentrieke Felipe Cordeiro op het spoor.
Felipe Cordeiro is afkomstig uit Belém do Pará, in het noorden van Brazilië. Hij heeft tot nu toe twee albums uitgebracht, Banquete in 2007 en vorig jaar Kitsch Pop Cult. Naar eigen zeggen is de muziek op dat laatste album een mengeling van lambada en avant-gardistische muziek uit het zuidoosten van het land. Die eerste invalshoek is niet zo vreemd, omdat Felipe's vader Manoel Cordeiro bekend staat als een van de pioniers op het gebied van de lambada. (Inderdaad, hier bekend geworden door de zomerhit van de Braziliaanse band Kaoma in 1989.) Het resultaat mag er wezen: heerlijke en vooral geestige muziek! Een aanrader om op de voet te gaan volgen.
Voor meer informatie kan je neuzen op zijn eigen website.
Uitspraak slachtpartij Carandiru-gevangenis 'vitale' stap naar gerechtigheid
De veroordeling van
23 Braziliaanse politiemensen voor het doden van gedetineerden bij een
slachtpartij in een gevangenis twee decennia geleden is een 'vitale'stap naar
gerechtigheid.
vrijdag 19 april 2013
Toerisme binnen Brazilië
Tijdens mijn allereerste bezoek aan Brazilië, nu alweer ruim tien jaar geleden, kwam ik tijdens een gesprek met Pedro, een bevriende jurist uit São Paulo, op het onderwerp 'salaris'. Wat schetste mijn verbazing toen bleek dat ik met mijn deeltijdbaan in de gehandicaptenzorg maandelijks evenveel verdiende als hij in een hele week deed. Het was weer eens een pijnlijke constatering van onze rijkdom hier op het noordelijk halfrond.
Pedro, afkomstig uit een middenklasse-gezin, had dan ook nog niet zoveel van zijn eigen land gezien. Natuurlijk was hij wel eens een keer in Rio de Janeiro geweest en eenmaal had hij als jongere een kleine rondreis in het noordoosten van Brazilië gemaakt. Maar daar hield het dan ook wel mee op. Vliegen was in die dagen eenvoudigweg niet voor elke Braziliaan weggelegd. Het was eenvoudigweg te duur.
Hoe de tijden zijn veranderd. Afgaande op de berichten van mijn Braziliaanse vrienden op Facebook wordt er vandaag de dag heel wat afgereisd binnen de grenzen van het land. Toen ik vorig jaar een aantal binnenlandse vluchten maakte was me de afgeladen volle vertrekhallen op de vliegvelden van Rio-Santos Dumont, Goiânia, Brasília en Belo Horizonte ook al opgevallen. Brazilianen zijn een reislustig volkje geworden.
Vandaag kreeg ik de laatste cijfers van het Braziliaanse ministerie van Toerisme over binnenlandse reizen onder ogen. Een mooi inkijkje in de nieuwe reislust van de gemiddelde Braziliaan. Het binnenlandse vliegverkeer is tussen 2007 en 2012 met ruim 70% toegenomen. In 2012 werden op de vliegvelden 85.471.710 passagiers verwerkt. Volgens het ministerie heeft deze stijging een drietal oorzaken: de gestegen koopkracht van de middenklasse, de daling van de prijzen voor vliegtickets en de frequent-flyerprogramma's die Braziliaanse luchtvaartmaatschappijen als TAM, Azul, GOL en Avianca aan hun trouwe klanten aanbieden. Uit het rapport blijkt ook dat de reden voor de vluchten vooral ontspanningsreizen betreft.
Binnen het Braziliaanse toerisme speelt het zuidoosten van het land een centrale rol. De meeste Braziliaanse toeristen (36,5%) gaan naar de deelstaten Rio de Janeiro, São Paulo of Minas Gerais, terwijl uit die regio ook de meeste toeristen zelf afkomstig blijken te zijn. Het zuidoosten wordt als toeristische trekpleister met 30% gevolgd door het noordoosten en met 18,5% door het zuiden.
De groeiende koopkracht van met name de Braziliaanse middenklasse zal het aantal reisbewegingen binnen de grenzen van het land de komende jaren nog enorm laten toenemen. Teneinde dat een verdere impuls te geven en om tot een betere seizoenspreiding te kunnen komen heeft het ministerie van Toerisme een aantal jaren geleden samen met de sector de handen ineen geslagen in het VaiBrasil-programma. De plannen zijn er en nu de infrastructuur nog! Want wat de staat van de meeste vliegvelden betreft laat dat in Brazilië helaas nog veel te wensen over. Veel te krap bebouwd (wat er met de toename van het aantal binnenlandse reizigers alleen maar erger op is geworden) en een slechte communicatie. Al worden er wat dat betreft met het oog op het WK Voetbal van 2014 en de komende Olympische Spelen op dit gebied wonderen verwacht. Vamos ver!
Pedro, afkomstig uit een middenklasse-gezin, had dan ook nog niet zoveel van zijn eigen land gezien. Natuurlijk was hij wel eens een keer in Rio de Janeiro geweest en eenmaal had hij als jongere een kleine rondreis in het noordoosten van Brazilië gemaakt. Maar daar hield het dan ook wel mee op. Vliegen was in die dagen eenvoudigweg niet voor elke Braziliaan weggelegd. Het was eenvoudigweg te duur.
Hoe de tijden zijn veranderd. Afgaande op de berichten van mijn Braziliaanse vrienden op Facebook wordt er vandaag de dag heel wat afgereisd binnen de grenzen van het land. Toen ik vorig jaar een aantal binnenlandse vluchten maakte was me de afgeladen volle vertrekhallen op de vliegvelden van Rio-Santos Dumont, Goiânia, Brasília en Belo Horizonte ook al opgevallen. Brazilianen zijn een reislustig volkje geworden.
Vandaag kreeg ik de laatste cijfers van het Braziliaanse ministerie van Toerisme over binnenlandse reizen onder ogen. Een mooi inkijkje in de nieuwe reislust van de gemiddelde Braziliaan. Het binnenlandse vliegverkeer is tussen 2007 en 2012 met ruim 70% toegenomen. In 2012 werden op de vliegvelden 85.471.710 passagiers verwerkt. Volgens het ministerie heeft deze stijging een drietal oorzaken: de gestegen koopkracht van de middenklasse, de daling van de prijzen voor vliegtickets en de frequent-flyerprogramma's die Braziliaanse luchtvaartmaatschappijen als TAM, Azul, GOL en Avianca aan hun trouwe klanten aanbieden. Uit het rapport blijkt ook dat de reden voor de vluchten vooral ontspanningsreizen betreft.
gastronomiaenegocios.com.br
Binnen het Braziliaanse toerisme speelt het zuidoosten van het land een centrale rol. De meeste Braziliaanse toeristen (36,5%) gaan naar de deelstaten Rio de Janeiro, São Paulo of Minas Gerais, terwijl uit die regio ook de meeste toeristen zelf afkomstig blijken te zijn. Het zuidoosten wordt als toeristische trekpleister met 30% gevolgd door het noordoosten en met 18,5% door het zuiden.
De groeiende koopkracht van met name de Braziliaanse middenklasse zal het aantal reisbewegingen binnen de grenzen van het land de komende jaren nog enorm laten toenemen. Teneinde dat een verdere impuls te geven en om tot een betere seizoenspreiding te kunnen komen heeft het ministerie van Toerisme een aantal jaren geleden samen met de sector de handen ineen geslagen in het VaiBrasil-programma. De plannen zijn er en nu de infrastructuur nog! Want wat de staat van de meeste vliegvelden betreft laat dat in Brazilië helaas nog veel te wensen over. Veel te krap bebouwd (wat er met de toename van het aantal binnenlandse reizigers alleen maar erger op is geworden) en een slechte communicatie. Al worden er wat dat betreft met het oog op het WK Voetbal van 2014 en de komende Olympische Spelen op dit gebied wonderen verwacht. Vamos ver!
Abonneren op:
Posts (Atom)





