maandag 10 november 2014

Droge tegenvallers São Paulo

Het zit de stad São Paulo werkelijk niet mee. Na maandenlange droogte, de ergste sinds 84 jaar, is het begin deze maand weer gaan regenen, maar de verwachte stijging van de waterspiegel in de verschillende waterreservoirs die de stad van drinkwater moeten voorzien zijn nauwelijks gestegen en in enkele gevallen zelfs nog verder gedaald. En het is vooral het Cantareira-systeem, dat de helft van deze megastad van kraanwater voorziet, waar de zorgen het grootst zijn. Het nutsbedrijf van de deelstaat Sabesp (Companhia de Saneamento Básico do Estado de São Paulo) geeft aan dat het waterpeil gisteren het beruchte 'volume morto' heeft bereikt nu het meer nog maar 11,4% van haar aanvankelijke volume bevat. Een directe bedreiging voor zo'n 8,1 miljoen inwoners van de stad. In andere systemen rond de stad lijkt het nog enigszins mee te vallen met een volume van gemiddeld 36% (Guarapiranga, Alto Cotia en Rio Claro), al is de volume in het Rio Tiête-systeem met 8,3% uiterst zorgwekkend te noemen en steekt het Rio Grande-systeem daarbij met 67% weer uiterst gunstig af.

Foto: AP Photo/André Penner

De deelstaatregering van São Paulo zit dan ook met de handen in het haar. Het vraagt voortdurend toestemming van de federale overheid om extra water te mogen oppompen uit andere kwetsbare gebieden, wat inmiddels heeft geleid tot politieke schermutselingen met de buurtstaten Rio de Janeiro en Minas Gerais. De gouverneur van eerstgenoemde deelstaat, Luiz Fernando Pezão, repte reeds van een heuse oorlog tussen beide economische reuzen nadat São Paulo alles in het werk stelde om het water van de Paraíba do Sul-rivier af te mogen tappen. Onderwijl verlaagde Sabesp reeds de waterdruk in de stad, deelde het bonussen uit aan klanten die aan waterbesparing doen en doet het onderzoek naar nieuwe ondergrondse waterreservoirs.

Waterexperts beschuldigden Geraldo Alckmin in de aanloop naar de gouverneursverkiezingen in oktober jongstleden ervan te weinig te doen aan rantsoenering van het wateraanbod, uit vrees zijn tweede termijn als regeringshoofd te verliezen. En ook op een andere manier werd de kwestie inzet van een electoraal steekspel. Alckmin is lid van de PSDB en zo prominent lid van het kamp rond presidentskandidaat Aécio Neves. Er werden in de campagne pogingen ondernomen rivale Dilma Rousseff van de  PT medeschuld van de problemen rond Cantareira in de schoene te schuiven, maar haar repliek daarop was steeds dat het de kraanwaterverzorging uitsluitend onder de verantwoordelijkheid van de deelstaten valt. Voor beide standpunten valt wat te zeggen, maar het is opvallend dat Dilma na haar herverkiezing als presidente van Brazilië de deelstaat São Paulo de helpende hand geboden heeft. 

Om die reden is Alckmin vandaag naar Brasília afgereisd en heeft in een gesprek met Dilma om R$3,5 miljard federale staatssteun gevraagd om acht waterreservoirs te kunnen financieren teneinde de komende jaren het probleem structureel op te kunnen lossen, zonder afhankelijk te zijn van Cantareira. Hij herhaalde nogmaals zijn voornemen om niet tot rantsoenering over te zullen gaan omdat zijn regering naar zijn zeggen de situatie onder controle heeft. Op aantijgingen als zou hij federale (lees PT) steun tot nu toe zou hebben geweigerd reageert hij ontkennend, maar de politieke ervaring van alledag leert dat daar de nodige twijfels over kunnen bestaan. Het zou niet de eerste keer zijn dat oppositionele regeringen in de deelstaten federale steun van de PT in Brasília weigeren, teneinde te voorkomen dat eventueel succes op het conto van de zittende federale regering zal afstralen. Het feit dat Alckmin in gesprek gaat met Dilma bewijst dat het water hem aan de lippen staat. Al is dat laatste natuurlijk in dit geval al te ironisch uitgedrukt.

CEDLA Jubileum seminar 2014


zaterdag 8 november 2014

PMDB

De huidige regeringscoalitie in Brazilië staat of valt met de PMDB, de Partido do Movimento Democrático Brasileiro. Het is de partij waar niemand in de landspolitiek omheen kan. Deze scharnierfunctie heeft het te danken aan de historisch enorme aanhang en daarmee de vele regeringsposten die het bezet op federaal, deelstaat- en gemeenteniveau. Het is een partij die velerlei politieke voorkeuren in zich verenigd. Van conservatief (José Sarney uit Maranhão of moet ik inmiddels zeggen Amapá) tot links-liberaal (Roberto Requirão uit Paraná), van liberalen (Pedro Simon uit Rio Grande do Sul) tot populisten (Iris Resende uit Goiás), van nationalisten (Orestes Quércia uit São Paulo) tot leden van de voormalige guerrillabeweging MR-8. Kortom een politieke partij zonder duidelijke ideologische lijn, thuishaven van politici van velerlei pluimage. In Brazilië is politicus zijn geen missie, maar een doodgewoon beroep waar men geld mee verdient. En met die instelling is de PMDB een logische keuze. Ideologisch vloeibaar en altijd winstgevend.
Alhoewel de partij sinds het herstel van de democratie in 1985 nooit rechtstreeks een president heeft geleverd (José Sarney werd als running-mate van de voortijdig overleden president-elect Tancedo Neves president) heeft het sinds die tijd altijd onderdeel uitgemaakt van de heersende regeringscoalitie, zij het van PSDB-zijde (president Fernando Henrique Cardoso), zij het onder de PT (onder de presidenten Luiz Inácio Lula da Silva en Dilma Rousseff).
Onder die laatsten leek de PMDB zich gemoedelijk te voelen, maar gaandeweg dreigt er een scheuring te ontstaan. Enkele vooraanstaande politici binnen de partij hebben zich opgeworpen om zich minder aan de socialistische PT te conformeren en het oor meer naar de conservatief-liberale oppositie te laten hangen. Dit resulteerde in een huidige machtsstrijd om de voorzitterschap van het federale Huis van Afgevaardigden, waarbij federaal afgevaardigde Eduardo Cunha uit de deelstaat Rio de Janeiro zich nadrukkelijk kandidaat stelt als kandidaat van de meer PT-kritische vleugel binnen de partij. Vice-president Michel Temer van de PMDB uit São Paulo heeft er zij handen vol aan om de gelederen te sluiten om binnen de huidige coalitie de machtspositie van de PMDB te consolideren en een eventueel PT-kandidaat voor het voorzitterschap te waarborgen.

Interlagos

Dit weekeinde wordt in de stad São Paulo in de Formule 1 de Grote Prijs van Brazilië  gereden. Een mega-gebeurtenis in een land waarin de auto-rensport mateloos populair is en in de loop van de geschiedenis enkele coureurs van wereldfaam heeft opgeleverd: Emerson Fittipaldi, Felipe Massa, Rubens Barrichello, Carlos Pace en de in Brazilië tot heilig verklaarde Ayrton Senna. Na zijn tragische dood in 1994 werd menig straat in het land naar hem vernoemd, maar vreemd genoeg nooit een autocircuit. Die eer viel Carlos Pace wel ten deel. De naam van deze coureur uit São Paulo, die slechts eenmaal de GP van Brazilië heeft gewonnen, is sinds zijn tragische dood in 1977 verbonden aan het circuit waar tegenwoordig diezelfde wedstrijd verreden wordt, de Autodrómo José Carlos Pace, internationaal beter bekend als Interlagos.


Dit circuit werd in 1939 geopend op een terrein dat zich bevindt tussen twee aangelegde energie- en waterreservoirs in het zuiden van de stad São Paulo, de meren Billings en Guarapiranga. Die ligging verklaart de naam Interlagos, wat letterlijk 'tussen twee meren" betekend. Het is historisch voor de coureurs een berucht circuit en dan vooral vanwege een zeer slecht wegdek. Het hobbelt, wat zeer slechts schijnt te zijn voor de bodemplaten van de auto's. Gaandeweg de afgelopen decennia is er dan ook veelvuldig aan het circuit gesleuteld en werden er bijvoorbeeld tussen 1981 en 1989 geen Grote Prijzen gereden. Sinds 1990 is Interlagos terug op de internationale kaart en de vaste thuisbasis van de GP van Brazilië. Voor de liefhebber wat statistieken: het circuit is 4,309 kilometer lang, kent 15 bochten en de wedstrijd wordt verreden over 71 rondes. Andere eigenaardigheden van Interlagos zijn het gegeven dat er tegen de klok in wordt gereden, het een van de langste pit lanes ter wereld heeft en wijlen Santo Ayrton Senna er toch nog een monument heeft gekregen, de S-Curve van het circuit (foto onder). Een curve die hij ooit zelf nog heeft voorgesteld bij de eigenaren van het circuit en die tegenwoordig de Senna-curve wordt genoemd.

Foto: Morio

Ikzelf ben absoluut geen liefhebber van de autosport, maar zou volgend jaar graag voor een lang weekend naar Interlagos willen afreizen. Vanaf dit jaar is het namelijk het terrein waar voortaan een van de grootste Braziliaanse rockfestivals wordt gehouden, Lollapalooza. Evenveel bezoekers, maar met iets meer melodieuze herrie dan die van de Formule 1.

Klik hier voor link naar website van Autocircuit Interlagos en die voor Lollapalooza

vrijdag 7 november 2014

Cartoonist Carlos Latuff over moordpartij in Belém do Pará


Oproep van sociale bewegingen tegen de executies die plaatsvonden in de buitenwijken van Belém - 6 november 2014

BASTA DE EXTERMÍNIO NAS PERIFERIAS PARAENSES! CPI DAS MÍLICIAS JÁ!

Belém amanheceu manchada de sangue neste dia 5 de novembro. Mais uma vez, o extermínio da população pobre e negra da periferia da cidade chocou o conjunto da população brasileira e desnudou a ineficiência da política de segurança pública adotada no país, centrada no aparelho repressivo e na guerra aos pobres.
As execuções em Belém iniciaram logo após o assassinato de um cabo da Polícia Militar, acusado de ter envolvimento com milícias (grupo formado por agentes públicos que atuam na ilegalidade, supostamente oferecendo proteção para a população) e que respondia processo judicial por homicídio em 2007. Oficialmente, o sistema de segurança pública do Estado contabiliza, até o momento, nove pessoas exterminadas nos bairros da Terra Firme, Guamá, Marco, Jurunas e Sideral. Porém, relatos dos moradores revelam que este número é muito maior, isto sem contar as vítimas de baleamento, agressões físicas e todas as manifestações de violência simbólica, como o toque de recolher imposto por policiais, que relembrou os anos de chumbo da Ditadura.
O extermínio ocorrido na noite do dia 4 de novembro expressa o quão exposto à violência está a população paraense, haja vista que o Pará é o sétimo estado mais violento do Brasil, com um índice de homicídios de 41,7 mortes a cada 100 mil habitantes, muito maior do que a média mundial.
Por trás destas mortes, há fortes indícios de uma rede miliciana, o que tem crescido cada vez mais no estado do Pará, sob o silêncio ou conivência de autoridades que deveriam garantir o direito fundamental à vida. Dados da Ouvidoria de Segurança Pública do Pará mostram que, em 2013, foram identificados 135 homicídios cometidos por agentes de segurança pública, sendo 122 realizados por PMs, 12 por policiais civis e um por Bombeiro Militar. No mesmo período, os casos de lesão corporal chegaram a 118, e outras 13 pessoas denunciaram tortura. No entanto, a própria Ouvidoria acredita que este quantitativo é bem maior, haja vista que muitas denúncias nem chegam às delegacias.
Cabe ressaltar que o Governo do Estado tem uma parcela de responsabilidade com o envolvimento de policiais com milícias e grupos de extermínio, na medida em que não valoriza os praças (soldados, cabos e sargentos), que são os mais expostos às péssimas condições de trabalho e submetidos a baixos salários, o que aponta a importância da PEC 300 (projeto que iguala os salários dos policiais brasileiros ao dos profissionais do Distrito Federal) ser aprovada no Congresso Nacional.
Além disso, os praças são subordinados a uma hierarquia que reproduz a tirania da Ditadura Militar, o que indica que é preciso desmilitarizar a PM e investir na formação em Direitos Humanos e Cidadania para os agentes de segurança pública.
Avaliamos que uma verdadeira política de segurança pública não se implanta com repressão e nem com caravanas ou ações pontuais, mas com mudanças na política econômica e investimento em educação, saúde, cultura, esporte e lazer, o que é cotidianamente negado à juventude pobre nas periferias brasileiras, condenada a um futuro de incerteza, onde predominam a exploração sexual e a criminalidade.
Neste contexto, repudiamos também o papel deseducador e criminoso da maioria dos meios de comunicação social, que em jornais e programas televisivos, incitam a violência e o extermínio contra os moradores das periferias, contribuindo para a disseminação do preconceito e desrespeitando as leis que garantem o direito à ampla defesa para todos os cidadãos brasileiros. 
Ao contrário do governo do Estado, jamais iremos silenciar neste momento de dor. Queremos transformar nosso luto em luta. Para isso, exigimos do governador Simão Jatene que o extermínio do dia 4 de novembro seja devidamente apurado e os seus autores responsabilizados – estejam eles em cargo de comando ou não. Exigimos, ainda, que o governo do Estado  garanta a assistência psicossocial aos familiares das vítimas. Não iremos aceitar que este extermínio caia no esquecimento, tal qual o caso Navalha na Carne, em que policiais militares foram acusados pela prática de diversos crimes. Porém, o processo segue lentamente sem as devidas responsabilizações dos acusados.
Da mesma forma, exigimos a instalação imediata de uma Comissão Parlamentar de Inquérito (CPI) na Assembleia Legislativa do Pará - Alepa, para investigar o envolvimento de agentes de segurança pública com milícias e grupos de extermínio, frente à quantidade de denúncias que têm surgido.
Por fim, convocamos a sociedade paraense para um ATO PÚBLICO no próximo dia 11 de novembro (terça-feira), às 9 horas, na Escadinha do Cais do Porto, em Belém, para caminhar em direção à Alepa e exigir a apuração e responsabilização dos assassinos e a instalação da CPI.

Em defesa da vida, não nos calaremos!

Assinam esta nota:

ANCED
ASCONPA
Associação de Moradores do Benguí
Associação Brasileira de ONGs - ABONG
Associação Paraense de Apoio às Comunidades Carentes - APACC
Associação Unidos pra Lutar
Coletivo Caboclo Monique Lopes
Comissão de Justiça e Paz – Arquidiocese          
Conselho Regional de Psicologia
CST-Psol
Desabafo Social
FASE
Gabinete do Dep. Edmilson Rodrigues
Grêmio/ Ulisses Guimaraes 
IMANATARA
Movimento Feminista Juntas
Movimento Juntos
Movimento de Direitos Humanos de Icoaraci
Movimento Nacional de Meninos e Meninas de Rua - MNMMR
Movimento República de Emaus
Movimento Rosas de Março
Núcleo de Educação Popular Raimundo Reis
Pastoral da Juventude
Protagonismo Juvenil em Rede - PROJUR
Psol
Rede Ecumênica de Juventude - REJU/Belém
Rede de Educação Cidadã
Rede Emancipa
RENADE
Rede Nacional de Adolescentes e Jovens Comunicadoras e Comunicadores - RENAJOC
Rede de Participação Juvenil da ABMP
SDDH
SINTSEP/PA
Só Direitos
UNIPOP
Vereador Fernando Carneiro

donderdag 6 november 2014

Nieuwsbericht: Amnesty International vraagt om onderzoek naar moordpartij in de Braziliaanse stad Belém do Pará

Amnesty International vraagt om een onmiddelijk onderzoek naar de moordpartij die op 4 november in Belém (deelstaat Pará) plaatsvond.

Amnesty International vraagt om een onmiddelijk en onafhankelijk onderzoek naar de moordpartij in de stad Belém (Pará) in de nacht van 4 november. Daarbij kwamen in de wijken Terra Firme, Marco, Guamá, Jurunas en Sideral minstens negen personen om het leven.

Volgens informatie is de moordpartij vermoedelijk het werk van agenten van de militaire politie, uit wraak voor de dood van een collega van de ROTAM/Rondas Ostensivas Táticas Metropolitanas (special forces van de militaire politie) diezelfde avond. Er zijn aanwijzingen dat de actie werd uitgelokt via de sociale media.

Op basis van verklaringen van de bewoners van de wijk Terra Firme werden de toegangswegen tot de wijk tijdens de criminele actie met officiële auto's van de militaire politie afgesloten en werd de bewoners gesommeerd naar hun huizen terug te gaan. Op niet-geïdentificeerde voertuigen rijdende gemaskerde en zwaarbewapende mannen vielen huizen binnen en vermoorden verschillende personen. Er wordt verwacht dat het aantal slachtoffers groter zal blijken te zijn dan de officiële cijfers van de deelstaatautoriteiten op dit moment.

Amnesty International vraagt de federale regering de zaak te begeleiden en de deelstaatautoriteiten van Pará om alle noodzakelijke maatregelen te treffen om de veiligheid van de bewoners van de betreffende wijken te garanderen. Tegelijkertijd dient de dood van de politieagent te worden onderzocht en de dader te worden opgespoord.

Amnesty International spreekt haar solidariteit uit met de familieleden van alle slachtoffers.

Bron: Amnesty International - Brazilië